Per 1 juli 2006 gelden nieuwe normen voor de kleuren
waarin cilinders dienen te worden gespoten. Er is dan een standaard norm (NEN
EN 1089-3) 'Verplaatsbare gasflessen - Identificatie van gasflessen /
Kleurcoderingen' van kracht. Dit nieuwe kleursysteem wijkt af van de tot nu
toe nog in Nederland gebruikte kleurcode.
De cilinder moet zich in kleur onderscheiden van
cilinders gebruikt voor industriële toepassingen. Daarnaast moet de cilinder
worden voorzien van een gevarensticker voor het betreffende gas.
De kleuren voor:
Ademlucht (perslucht?)
Schouder RAL 9010 wit met daaronder een band RAL9005 zwart
Cilindrisch gedeelte RAL 9010 wit
Zuurstof (O2)
Schouder RAL 9010 wit
Cilindrisch gedeelte RAL 9010 wit
Helium/zuurstof (O2)
Schouder RAL 9010 wit met daaronder een band RAL 8008 bruin
Cilindrisch gedeelte RAL 9010 wit
Helium
Schouder RAL 8008 buin
Argon
Schouder RAL 6001 donkergroen
De kleur van het cilindrisch gedeelte is niet vastgelegd in de norm en men
kan deze daarom vrij kiezen. De uitzonderingen hierop zijn cilinders voor
gassen en gasmengsels voor medische toepassing en voor inhalatiedoeleinden
(de zogenoemde ademgassen). Hiervan wordt het cilindrisch gedeelte wit
gespoten. Dit om een duidelijk onderscheid te maken met de gassen voor
industriële toepassingen.
Het cilindrisch gedeelte van persluchtcilinder voor duiker is hier weer van
vrijgesteld. Deze mogen ook een andere kleur hebben, zolang deze maar niet
verward kan worden met een kleurcodering van een verplichte cilindrische
kleurcode.
Na 1 juli 2006 is het niet toegestaan de fles zonder de juiste kleur te (laten)
vullen. Ook niet bij een zelfvulstation. Vindt er namelijk, door welke
oorzaak ook, een duikongeval plaats, dan dekt geen enkle maatschappij de
schade omdat de duikcilinder niet aan de wettelijke eisen voldeed.
|